Dana (vrijgevigheid) is de eerste van de zes pāramitā's binnen de Mahāyāna-boeddhistische traditie.
De beoefening van dana vormt de basis voor het ontwikkelen van wijsheid en mededogen. Volgens de Mahāyāna opent vrijgevigheid het hart, vermindert gehechtheid en legt zij de voorwaarden voor innerlijke vrede, gezondheid en het ontwaken.
De traditie onderscheidt drie vormen van dana:
Materiële vrijgevigheid
(Āmiṣa-dāna)
Het schenken van materiële middelen ter ondersteuning van de Dharma.
Dharma vrijgevigheid (Dharma-dāna)
Het doorgeven en levend houden van de leer van de Boeddha.
Vrijgevigheid van onbevreesdheid (Abhaya-dāna)
Anderen helpen hun angst te overstijgen en vertrouwen te vinden op het pad.
No Word Zen kan alleen bestaan dankzij de dana van beoefenaars en vrienden van de sangha.
Door uw materiële vrijgevigheid draagt u eraan bij dat de Dharma, die al meer dan tweeduizend jaar van leraar op leerling is doorgegeven, ook vandaag levend kan blijven en toegankelijk blijft voor allen die haar zoeken.
De Dharma is volgens de boeddhistische traditie het diepste medicijn tegen onwetendheid, gehechtheid en angst. Zij wijst de weg naar bevrijding en helpt ons het leven met meer wijsheid, compassie en onbevreesdheid tegemoet te treden. Wij ontvangen iedere gift – groot of klein – met diepe dankbaarheid. Belangrijker dan de omvang van de gift is de geest waarin zij wordt gegeven: een geest van vrijgevigheid, vertrouwen en mededogen.
Mogen de verdiensten van uw dana bijdragen aan uw welzijn en dat van alle levende wezens. Mogen de Boeddha's en Bodhisattva's u inspireren en ondersteunen op het pad, en mogen gezondheid, vrede en wijsheid zich in uw leven verdiepen.